Stop de persen…. RIP Dagbladen

Jaap Steinvoorte 1 Comment »

December 2008 kwam het nieuws ter ore dat minister Ronald Plasterk de dagbladondernemingen en de journalistiek de helpende hand wil toesteken.

Onlangs is bekend geworden dat Ronald  Plasterk dit idee daadwerkelijk wil doorzetten en dat voormalig cultuurminister Elco Brinkman de voorzitter wordt van de adviescommissie over innovatiemogelijkheden bij de gedrukte pers.

Ronald Plasterk heeft zelfs een echte brief aan de tweede kamer gedicht met onder andere de volgende tekst:

Ik realiseer mij ten volle dat de perssector in een benarde situatie verkeert. Op meerdere plaatsen in mijn eerdere brief is aangegeven dat de sector door structurele en conjuncturele oorzaken onder toenemende druk staat. Expliciet benoem ik kwesties waar nagenoeg alle dagbladondernemingen mee worden geconfronteerd: teruglopende oplagen bij de betaalde kranten, dalende advertentie-inkomsten, het uitblijven van een goed businessmodel voor exploitatie van internetsites, verhoogde rendementseisen van aandeelhouders, problemen met het beschermen van hun content en de bezorging.

Ik vraag me toch sterk af waarom de minister zich hiermee moet bemoeien. Sinds wanneer bemoeid de overheid zich ineens met business modellen? Hebben ze hier verstand van? Minister Plasterk wil geld van de STER gebruiken, geld wat hij beter ergens anders voor kan gaan gebruiken aangezien de dagbladondernemingen haar langste tijd in de huidige vorm hebben gehad. Net als dat WikiPedia een groot aandeel heeft weggesnoept van de Encyclopedia Brittanica, net als dat het bedrijf van de uitvinder van marketing, Wedgwood, faillisement heeft aangevraagd, zo hebben de dagbladondernemingen en perssector een mooi probleem voor zichzelf gecreeerd. Moet dat ons probleem zijn of worden?

Niet alleen in Nederland is er een probleem voor de dagbladondernemingen. Ook in Amerika zijn er inmiddels kranten als de Seattle Post Intelligencer die een probleem hebben. Seatlle PI is op zoek naar een koper en als deze niet binnen 60 dagen gevonden wordt, dan gaat de stekker eruit. Todd Bishop, een Microsoft blogger voor de Seatlle PI heeft inmiddels eieren voor z’n geld gekozen en heeft zijn activiteiten verplaatst naar http://www.techflash.com/.  Maar ook de New York Times heeft een klein probleempje.(al krijgen ze mogelijk een doekje voor het bloeden) En niet alleen de NYT, ook the Hollywood Reporter, de L.A. Daily News en de Chicage Tribune hebben veel medewerkers moeten ontslaan. Graphicdesignr.net heeft een mooi overzicht met de paper cuts, ofwel de massale ontslagen die over 2008 hebben plaatsgevonden in de nieuwsbladenindustrie.

Ja, en dan zie je een artikel op de blog van Yme Bosma met daarin ene Rimmer Mulder, hoofdredacteur bij de Leeuwarder Courant die bizarre uitspraken doet. Wat mij betreft zijn dit de laatste stuiptrekkingen van iemand die zich beseft dat zijn baan op het spel staat en wordt overgenomen door andere media, andere mensen. Uitspraken gedreven door angst en bang om de controle kwijt te raken. Henk Blanken haalt vervolgens terecht aan dat het niet alleen om de journalistiek gaat, maar ook om de kranten, de dagbladondernemingen.

Seth Godin onthoudt zich overigens ook niet van een gedegen scherp artikel waarin hij stelt dat wij de kranten nauwelijks zouden missen. Bart Brouwers (hoofdredacteurs Sp!ts) reageert hier vervolgens op op RethinkingMedia en stelt dat het toch iets ingewikkelder ligt dan Seth aangeeft. Hij heeft hier inderdaad een punt, maar gaat het daar om? Dit is namelijk geredeneerd vanuit de partijen die nieuws verspreiden en heeft niets te maken met de mensen die dagelijks nieuws consumeren. De vraag wordt nog steeds niet beantwoord, wat willen zij eigenlijk?

Jan-Hendrik Bakker weet het mooi (en vooral ook lang) te vertellen op de nieuwe reporter.

De kwestie is of het wénselijk is dat de nieuwsvoorziening straks geheel in handen is van individuele bloggers, communicatiebureaus van bedrijven en overheidsinstellingen, op entertainment gerichte websites als Geenstijl.nl en persbureaus die niet anders functioneren dan als toeleverancier van nieuws(berichten). Ik vind van niet. Een democratische samenleving kan alleen functioneren als de nieuwsvoorziening zo objectief mogelijk is, terzakekundig en voorzien van een duiding. De professionele journalist die verbonden is aan een orgaan of netwerk van deskundigen, die op die organisatie kan terugvallen en zijn bijdragen in een groter geheel van berichtgeving en analyse invoegt, is daarom een onmisbare figuur in onze samenleving. Zo’n organisatie hoeft zeker niet een instituut te zijn dat er dagelijks tonnen papier en drukinkt doorjaagt, maar het moet wel een groot publiek bereiken, digitaal of anderszins.

Hij gaat helaas even te kort door de bocht en vergeet de doelgroep, de lezers, de klanten, de consumenten te benoemen, wat willen zij eigenlijk?

Onderzoek heeft uitgewezen dat jongeren steeds minder traditionele kranten lezen, dat ze zelf op zoek gaan naar nieuws en niet bereid zijn ervoor te betalen..

Hoofdredacteur Kees Pijnappels van de Gelderlander stelt dat de steun aan de krant goed is voor het land. Bloggers zijn, volgens de Gelderlander, journalistiek niet betrouwbaar (ha, kan iedere journalist die ook blogt in z’n zak steken, je bent onbetrouwbaar). Daarnaast zou er geld moeten komen vanuit de overheid. De 50 euro per nederlander per jaar die bedoeld is voor de publieke omroep zou deels aan de regionale pers moeten worden besteed. Wellicht moet de overheid gewoon stoppen met de 50 euro?

En dan Ethan Zuckerman http://www.ethanzuckerman.com/blog/2009/01/16/is-ad-supported-journalism-viable-in-a-pay-for-performance-age/ Hij heeft het over:

they serve a critical function in a democratic society, informing citizens so they can make intelligent voting decisions, lobby their elected representatives on issues of their concern and hold political and business powers accountable

Yeah right!  En al die kranten in Amerika die opeens voor Obama kozen dan? Ethan Zuckerman laat ook hier weer 1 cruciaal aspect weg. De consument die het nieuws consumeert. Veelal zijn dit soort mensen gefocussed op zichzelf, op de media an sich en de hoop te overleven. Maar wat als de consument dat niet wil, of maar in beperkte mate bereid is om ervoor te betalen?

Jack Shafer zegt op Slate in zijn artikel What’s killing newspapers is the same thing that killed the slide rule aan dat journalisten makkelijk toegang hebben tot de megafoon (marketing 0.1):

The misery of a laid-off or bought-out journalist isn’t greater than that of a sacked bond trader, a RIF-ed clerk, or a fired autoworker. The only reason we’re so well-informed about journalists’ suffering is they have easy access to a megaphone. The underlying cause of their grief can be traced to the same force that has destroyed other professions and industries: digital technology.

Jay Rosen geeft in zijn artikel Audience Atomization Overcome: Why the internet weakens the authority of the Press al aan dat traditionele journalistiek zich heeft gedragen als een demper op een open sociale omgang. Eigenlijk hebben zij nagelaten om een open forum te leveren waar discussie op mogelijk is.

Bloggers tap into it to gain a following and serve demand. Journalists call this the “echo chamber,” which is their way of downgrading it as a reliable source. But what’s really happening is that the authority of the press to assume consensus, define deviance and set the terms for legitimate debate is weaker when people can connect horizontally around and about the news.

En dit blijkt ook als je kijkt naar bijvoorbeeld HP|de Tijd waarin een recensie staat over Roosbeef. Gekleurde journalistiek met een eigen mening zonder dat er een discussiemogelijkheid wordt geboden en anoniem geplaatst.We zijn als lezers klaarblijkelijk te dom? (overigens zijn Leon en ik een andere mening toegedicht dan deze anonieme journalist, we komen graag met hem in gesprek).

 

Henk Blanken heeft een fantastisch mooi artikel geschreven met als titel de krant wordt een andere meneer met als conclusie:

Dat oordeel is helaas in zichzelf geen garantie dat jongeren gaan betalen, en er dus een businessmodel voor kranten is.

Nick O’Neill zegt dat het enige waar kranten goed voor zijn is het doden van bomen.

En Google heeft besloten om Print Ads resoluut de nek om te draaien, ook al participeren er meer dan 800 kranten in de Verenigde Staten

Het nieuws wordt nu verzorgd door iedereen, door amateurs, door citizen journalists. Soms betaald, soms onbetaald. Het nieuws verschijnt op blogs, en in near real-time op Twitter. Fact checking? Hoe gekleurd zijn vele berichtgevingen geweest de afgelopen jaren, hoezeer werden journalisten gemanipuleerd, bedreigt en onder druk gezet (misschien zou juist die emotie die vaak ontbreekt niet misstaan).

Nu zijn er anderen, mensen die zelfs real-time verslag proberen te leggen van hetgeen gebeurt. Heb je hier professionele journalisten voor nodig? Nee. Ongetwijfeld zijn zij beter in staat een verhaal te schrijven, zij hebben vaak meer tijd en resources om fact checking te doen, maar hebben we daar tegenwoordig niet crowdsourcing voor? Daarnaast, de inhoud is veel belangrijker.  Journalistiek kan overigens wel groeien en groeit dan ook. Iedereen kan het namelijk doen en er is geen “fabriek” meer nodig.

Het is niet alleen de onderneming zelf, het is de gehele keten die ter discussie staat. De papierfabrikanten, de persen, de krantenjongens, de gehele logistieke en transportketen, allen die te maken hebben met het fysiek bezorgen en brengen van de nieuwsbladen hebben een probleem. Internet maakt het vergaren van nieuws en het distribueren hiervan vele malen goedkoper en eenvoudiger.

Het zal niet lang meer duren voor jullie papieren krantje heeft plaatsgemaakt voor een digitaal krantje (neem bijvoorbeeld de Kindle). Maar met de intrede van deze digitale lezers komt dan ook de conclusie dat de traditionele persen stoppen met draaien, dat de gehele logistiek die benodigd is om een krant bij de consument te brengen verdwijnt. En als je business model wijzigt, dan brengt dat bijna automatisch met zich mee dat er ook grote organisatorische wijzigingen noodzakelijk zijn.

De dagbladondernemingen hebben te lijden onder terugnemende advertentie-inkomsten. Komt dit door de economische tegenwind, of is het een tendens die al jaren geleden is ingezet en nu echt tot uiting komt?  Ik vermoed dat het laatste het geval is, de economische tegenwind wordt momenteel handig aangegrepen om de hulptroepen erbij te halen en te klagen dat ze het moeilijk hebben.Ze zijn al meer dan 20 jaar online en nog steeds zoekende zijn naar antwoorden. Op newspaperdeathwatch kun je in ieder geval volgen welke kranten er in de Verenigde Staten omgevallen zijn.

 

Al midden jaren 80, toen de pc de huiskamer binnenwandelde, had men al signalen kunnen oppikken van hetgeen komen zou. Maar nee, op dat moment besloten de ondernemingen de strijd aan te gaan met de concurrenten, wat ze overigens nog steeds doen… Nu is het zelfs nog erger en gaan ze de strijd aan met de bloggers en citizen journalists.

En er waren zelfs eerder signalen, zelfs midden jaren 70 toen Robert Marbut, toenmalig CEO  van de bladengroep “Harte-Hanks” zei:

The fact that the same technology will be used by media other than daily newspapers will mean that others could enter the marketplace for meeting information needs and encroach on the franchise of an established newspaper … new technology will make it possible for the consumer to get his needs met in a variety of ways in the future, again setting the stage for continued fragmentation of media which could lead to further encroachment of the newspaper’s share of market.

 

Dagbladen waren trouwens geen late arrivers met allerlei innovatieve media, ze waren eerder early adopters, maar wel met een lock-in principe. Het enige wat ze hebben gedaan is de offline versie online brengen, wederom voorzien van wat banners en advertisements. Tegenwoordig kun je wat features herkennen als comments en middelen om WOM te faciliteren. Maar ja, dat hadden we al in de offline wereld ;-) In sommige gevallen zie je dat de journalist meedoet in de comments, veel vaker gewoon niet.

Ze hebben dus een handig makkelijk voor de hand liggend business modelletje gekozen, en er heeft weinig tot geen echte innovatie plaatsgevonden de afgelopen jaren. Jammer toch dat advertising in de traditionele vorm haar langste tijd heeft gehad.

Op de online versies zie je vaak dezelfde berichtgevingen, veelal afkomstig van Reuters of ANP, zelfs de teksten zijn hetzelfde, er is geen eigen content van gemaakt of er is een kleine draai aan gegeven. Stja… wat moet je dan, je richten op SEO om het onderscheid te maken?

 

De nummer 1 reden waarom een bedrijf faalt is vanwege gebrek aan een gedegen en haalbaar business plan. Het gebrek aan een fatsoenlijk businessplan is een handeling van achteloosheid. Een handeling van achteloosheid waar de research, de scenario’s, en de veronderstellingen niet zijn getest en onderbouwd. gebrek aan kennis van de markt is geen excuus. Het nalaten van het leren kennen van je klant is ook geen excuus. Jezelf de dood injagen door een gebrekkig en slecht marketingplan is te wijten aan gebrek aan met betrekking tot aantrekkingskracht van het product, gebrek aan klantidentificatie, slechte prijsstelling, en slechte promotie.

Nieuwsbladbedrijven in de huidige vorm hebben ook het probleem dat een blad maar een bepaald aantal pagina’s bevat en dus een maximum aantal advertenties kan bevatten, en daarnaast dus voor een beperkt aantal medewerkers werk kan faciliteren. Een dikkere krant betekent meer advertenties, maar door afnemende advertentie-inkomsten gaat dit dus niet werken, en de klanten zijn veelal niet bereid meer te betalen. Het internet biedt een prima alternatief wat minder kosten met zich mee brengt, maar daar is weer het probleem dat je niet de enige bent.

 

De journalistiek an sich zal niet verdwijnen, de rest wel, maar hebben we de rest wel nodig? We willen altijd nieuws ontvangen. Bedrijven die gericht nieuws leveren, die meer focus hebben en in niche markten opereren hebben een goede kans. Het zal echter steeds meer en steeds sneller verschuiven naar het digitale medium en ook hier geldt weer focus, gericht en niche. Je bent er dan nog niet, combineer dit met vrijwilligers incl. crowd-sourced en co-created nieuws en mogelijk heb je nog kans van overleven en slagen. Erger nog, massa media heeft niet alleen haar langste tijd gehad, advertisers zullen zich realiseren dat zij helemaal geen online media(als in online kranten) nodig hebben om de community te bereiken. Een van de weinigen die een redelijk succesvol advertisement business model heeft is Google, en zelfs zij ontslaan op dit moment mensen. Nieuwsbladen die die worden gefund door Venture Capitalists, of de overheid ;-)  zullen nog even overleven, todat hier ook de geldkraan wordt dichtgedraaid.

Net als open source de toekomst heeft, zo zou open news ook wel eens de toekomst kunnen hebben. Er zijn tegenwoordig diverse voorbeelden van succesvolle initiatieven die het verschil wel weten te maken, bijvoorbeeld spot.us (community funded reporting), Gawker Media , techcrunch, maar ook initiatieven als De Knight Foundation die de Knight Community Information Challenge heeft gelanceerd, winnaars krijgen een deel van het beschikbare geldbedrag uitgekeerd

En zo zie je maar weer dat journalisten elkaar zelf wel opzoeken om samen te werken, dit keer op Twitter

Doc Searls over “the new ecology of journalism”:

While all these are good, the larger trend to watch over time is the inevitable decline in advertising support for journalistic work, and the growing need to find means for replacing that funding — or to face the fact that journalism will become largely an amateur calling, and to make the most of it. 

Stowe Boyd geeft het al aan:

No surprise: I’ll bet it will come from a communitarian model, like blogging and other social phenomena on the web. Could be a mix of advertising, philantrophy, tax loopholes, and sponsorship (a la NPR), but it won’t be old school newspapers relocated to the web.

En Jeff Jarvis zegt in zijn artikel the ecosystem of news:

News in a market will no longer be owned by one or a few outlets. News will be a much larger ecosystem to which many will contribute in many ways - an ecosystem that spreads outside the market. 

Paul Bradshaw heeft een presentatie gemaakt met als  onderwerp Business models for news online:


The Online Media from RealWire on Vimeo.

 

Ikzelf? Ik heb geen krant, nooit gehad ook. Volgens een gemeente-ambtenaar zou ik een krant moeten hebben of lezen omdat de gemeente daar hun officiele mededelingen in doet. Nog steeds heb ik geen krant aangezien de gemeente hier een website voor heeft. Ik kijk trouwens ook zelden of nooit naar de publieke omroepen en wanneer er reclameblokken verschijnen zap ik weg zodat ik geen enkele reclame hoef te kijken. Ik zie dan ook het belang van de maatschappelijke verantwoording en belang en het belang van onafhankelijkheid dan ook niet en ik begrijp dan ook niet dat een krant een cultuurgoed is. En nieuws? Hier heb ik nog nooit voor betaald.  Gaat de krant dan echt verdwijnen? Ik weet het niet, stiekem hoop ik het wel. En laat iedereen eens ophouden met dat gejank over oneerlijke concurrentie met de publieke omroepen. Ik kijk zelden naar de publieke omroepen en reclames zie ik al helemaal nooit. Zorg maar zelf dat je je hoofd boven water houdt in plaats van te wijzen naar anderen, het leven is oneerlijk, get used to it.

 

Newspapers need a fundamental reboot. Alles moet opnieuw worden opgebouwd is nog beter. Je product of dienst is net zoveel waard als dat iemand anders bereid is ervoor te betalen. Heel simpel, de content is je marketing, nothing more. Offline redt je het niet, online heb je geen business model op basis van advertisements. Het gaat in deze vrije economie om vraag en aanbod. Klaarblijkelijk is er minder vraag, en kan er minder aangeboden worden. Dit is iets waar wij als consument al dan niet genoegen mee moeten nemen. Willen we meer aanbod? Dan gaan we daar wel om vragen.

Oh ja, pa, je ochtendkrantje verdwijnt, hopelijk hebben ze tegen die tijd een mooi digitaal alternatief voor je. Geen krantenbezorger meer in de ochtend helaas, toch heb je dan wel het nieuws wat de digitale persen op tijd heeft gehaald :-) Het uitwisselen van je krant met de buurman is dan ook niet meer nodig. Wellicht kun je, als je een betaald online account hebt, dit account delen met de buurman. En teletext is ook aan vervanging toe, Twitter en Teletext combineren levert Twext.

Tomorrow is not a Mystery

Jaap Steinvoorte No Comments »

Een kleine aanpassing van de quote van Eleanor Roosevelt: Yesterday is history, tomorrow is a mystery, and today is a gift; that’s why they call it the present. Tomorrow is NOT a Mystery.

  • Morgen is niet als gisteren, we hebben te maken met een globale verandering en verschuiving. Een verschuiving van besparing, consumering en investering. Het is geen tijdelijke afwijking van “doing business as usual” maar een structurele transformatie, een wijziging die voort blijft duren.
  • “doing business” op de 20e eeuw wijze is niet geschikt voor “doing business” op de 21e eeuw wijze. De business van gisteren was gericht en gebouwd voor overconsumptie, kunstmatig goedkope producten, symmetrische competitie en macro-economische stabiliteit. Dinosauriers uit het industriele tijdperk zullen genadeloos ten onder gaan.
  • De marktleiders van morgen hebben nieuw DNA. Obama, Apple, American Apparel, Google, Threadless, Zara, allemaal voorbeelden van bedrijven die zich gedragen volgens de 21e eeuw principes. De automotive en de traditionele media doen dit niet.

Wat zijn dan de 21e eeuw principes?

  • Kies het goede, niet het kwade
  • Kies voor doelmatigheid, niet voor egoisme
  • Kies niet voor vernieling, vernietiging, maar voor constructiviteit
  • Kies niet voor differentatie, maak gewoon het verschil.
  • Kies niet voor behendigheid en tactiek maar kies voor crisis, zie deze onder ogen.

De rol van marketing is om echte waarde te creeeren, er is geen rol weggelegd voor differentatie. De rol van de grote bedrijven is uitgespeeld. De massa-economie heeft ertoe kunnen bijdragen dat grote bedrijven een kostenvoordeel konden krijgen. Het resultaat was een homogene grijze massa. Schaarste levert nu voordeel op, bedrijven die in staat zijn hun productie te re-scalen op microniveau zijn onevenredig voordeliger en krachtiger. Strategie is niet meer, strategie leidt tot differentiatie. Strategie leidt tot onderlinge competitie en de strijd om marktaandeel. Als het om een daadwerkelijke oorlog zou gaan dan zou het “morgen” door “vandaag” vernietigd worden. Anti-strategie of een heroverweging van wat strategie is leidt ook tot minder egoisme.

De innovatie in de 20e eeuw ging over processen, producten en diensten. De innovatie in de 21e eeuw gaat over business model, (anti-)strategie en management innovatie. Dit levert krachtigere en meer duurzame waardecreatie.

Aan welke kenmerken moet de nieuwe leider dan voldoen:

  • Luistert naar de vraag om verplicht verantwoording af te leggen(accountability)
  • Komt uit zijn donkere hol en begeeft zich in de loopgraven, op de werkvloer
  • Is emotioneel en betrokken
  • Ziet door de donkere tunnel toch het licht.
  • Praat niet over ik maar wij
  • Is hyperalert, behendig, flexibel en gewend aan (snelle) veranderingen
  • Houdt het simpel
  • Hanteert het principe “emloyee first, customer second”
  • Stelt de juiste vragen
  • Past zich aan aan het “nieuwe werken”
  • Straalt vertrouwen uit,is in staat een bedrijf en haar mensen vooruit te brengen en is een catalysator van positieve energie van mensen en is in staat de mensen naar een mooiere toekomst te leiden.

Kijk vooral ook eens naar onderstaande video featuring Gary Hamel

 

Wat mag je doen?

De nieuwe omgeving is gedreven door marktparticipatie in processen producten en mensen. Sociale technologieen bieden bedrijven de mogelijkheid om effectief de massa te bereiken en zich te mengen in conversaties.

  • Bereik de mensen 1 voor 1 gevolgd door miljoenen, op een persoonlijk vlak
  • Creeer persoonlijke affiniteit met de lezers, kijkers en andere deelnemers
  • Stop persoonlijke interesse en identiteit in een boodschap
  • Enthousiasmeer mensen door het finetunen van de boodschap methodes en reach
  • Faciliteer en vereenvoudig participatie en invloed, verder dan ooit gerealiseerd is.

Sociale Technologie is een opkomende technologie die de meest krachtige aller tijden is, en het meest krachtige menselijk netwerk biedt. Deze kracht opent nieuwe communicatiekanalen en biedt nieuwe mogelijkheden voor ons (We the People). Deze kracht biedt ook de mogelijkheid de politici en andere leiders op hun verantwoordelijkheid te wijzen. Alles wordt meer en meer transparant, we zijn getuige van alles wat deze leiders aan het doen zijn, we zijn in staat ze te beinvloeden.

Definieer opnieuw de business en politiek, geef de macht terug aan de mensen in plaats van een enkeling. Vindt opnieuw uit, innovatie creeert waarde, echte waarde. Re-enage, breng de mensen bij elkaar, klanten, leveranciers en medewerkers. Bouw opnieuw, bouw met duidelijkheid en een doel, definieer je waarden, je doel en je value propositie, maar wel dusdanig dat de mensen dit zelf doen. Werf en selecteer opnieuw, zorg ervoor dat je mensen om je heen hebt die mee willen helpen de transformatie door te maken,  opnieuw versterken van de verantwoordingsplicht, erken en beloon.

Voorbeelden:

De slagroom op het toetje komt van Rich Karlgaard die al in 2003 een artikel in Forbes heeft geschreven over de opkomst van ”the Cheap Decade”

Tomorrow is not a Mystery :-)

Wat doen die meer dan 500 miljoen MENSEN?

Jaap Steinvoorte 12 Comments »

Wat doen wij toch?

500 miljoen MENSEN, meer dan 500 miljoen zelfs. Dat is het aantal wat zich op het sociale web begeeft heden ten dage. 500 miljoen mensen is bijna 15% van de totale wereldbevolking.

Ze wisselen daar ideeen uit, ze babbelen met elkaar, doen elkaar aanbevelingen, vertellen hun gevoel, hun passie en voorkeuren, etc…

Groeiend, dat is het aantal mensen dat zich mengt in de conversatie, die zich op het sociale web begeeft.

Het zijn vaak onbekenden van elkaar die elkaar toch vertrouwen. Ze vertrouwen op reviews en beoordelingen, gedaan door mensen die ze zelf niet kennen.

Waar gaat dit naar toe?

De media verschuift naar de plaatsen waar mensen hun tijd besteden, op het web dus.

Het sociale web is “the New World Order”. Niet die van de conspiracy theorie, die gaat uit van een wereldwijd overheidsorgaan. Hetgeen hier bedoelt wordt is een World Order van individueen die samen aan iets moois werken. Zij werken aan iets innovatiefs, iets wat steeds meer weg heeft van een grote evolutie. Zij beinvloeden, zij creeeren, zij werken samen, zij praten en zij zoeken nieuwe contacten. Het is een verandering in de rangorde, het zijn niet meer de bedrijven die dicteren. Het zijn de individueen die bepalen, beinvloeden en dicteren, het is de nieuwe orde.

 

Wat is het niet?

Velen denken dat het een hype is, een hype vooral bedoeld voor de jongeren. Juist deze jongeren zijn onze toekomst, zijn bepalend en leidend op het web, zijn onze (toekomstige) collega’s.

Je kunt dus vasthouden aan de oude orde, de oude tradities, en het negeren. Het is helaas verloren energie en heeft dus weinig zin.

Men zegt wel eens, verandering is weerstand. Overwin daarom de weerstand, en wel zo snel als mogelijk. Jij, je collega’s, vrienden, kennissen etc. houden dit niet tegen. Het is een verschuiving van de krachten die al enige tijd geleden heeft plaatsgevonden. Je wilt dit niet onder ogen zien, niet begrijpen, niet erkennen. Je wilt niet falen of de controle kwijt raken. Begrijpelijk ook, alleen niet verstandig. Je zult moeten leren, leren en begrijpen wat er gaande is. Luisteren naar wat er gaande is en kijken wat er zich afspeelt op het web. Je zult het niet alleen moeten begrijpen, je moet er ook in participeren. Wellicht alleen door je aanwezigheid, wellicht ook door gewoon te doen. Maar, dat kan alleen als je het echt begrijpt. De oude orde, de oude methodes meenemen en toepassen op de nieuwe wereld? Dat heeft geen zin. Je zult worden genegeerd, worden afgestraft en terechtgewezen.

En werk jij bij de grote organisatie, waar de oude methodes, de statische processen en de lange, traditionele (communicatie)lijnen nog hoogtij vieren? Jij bent er 1 van de meer dan 500 miljoen, welke bijdrage wil jij leveren om deze verschuiving in gang te zetten? Waar zijn toch die verhalen, de eerste stapjes op het Web 2.0 en Social Media vlak, het falen en de successen? Waarom worden deze hier niet gedeeld? Is het omdat jullie er niet klaar voor zijn? Is het omdat jullie er denken klaar voor te zijn maar dit niet durven delen, uit angst om een flater te slaan? (juist dit is een teken dat je er niet klaar voor bent, maar je hebt geen keuze!)

Denk je, ik wil ook op FaceBook, Hyves en andere Sociale Netwerken? Vraag je dan eens af waarom je dat wilt. Is het vanuit de marketing gedachte, promoten, promoten, promoten? Wil jij ook, net zoals Dell, Procter & Gamble en andere bedrijven een Social Networking Site? Dan gaat het dus weer om jou en niet om die 500 miljoen anderen. Ben jij die adviseur die anderen probeert te introduceren in Social Networking Sites door ze te vertellen dat ze daar hun presence moeten hebben? Dan gaat het dus om jou, en niet om je klant en die 500 miljoen anderen.

 

Wat is het wel?

Het is iets sociaals, iets vanuit de diepe normen en waarden van de mens, vanuit de kracht van het innerlijke van de mens.

Relaties  is geen marketingterm, absoluut niet zelfs. Relaties worden gelegd op basis wederzijds vertrouwen, optimisme, openheid, eerlijkheid, oprechtheid, realisme en kwetsbaarheid.

Op het web is het niets anders, je maakt het onderscheid door authentiek te zijn, de copycats zijn een slap aftreksel van de authenticiteit en zullen nooit dat onderscheid gaan maken.

Je maakt onderscheid door creatief te zijn. Je valt pas op als je iets vanuit je passie doet,en door iets te doen waar je de mens pas echt bij helpt.

Openheid, eerlijkheid en kwetsbaarheid zijn essentiele randvoorwaarden. De mens is niet perfect, je maakt fouten, dat is niet erg. Belangrijk is dat je ervan leert. Nog belangrijker is dat je jezelf kent, dat je weet wie je bent en waar je voor staat. Je mag dit best kenbaar maken

Vertrouwen, vertrouwen bouw je op door naar mensen te luisteren, vertrouwen betekent ook investeren, iets waar je constant aan moet werken. Vertrouwen is ook “de controle loslaten”. Regels en procedures zijn er om los te laten, regels zijn een basis van wantrouwen, een behoefte aan controle, het resultaat is alleen nog maar meer wantrouwen. Op het internet zijn er geen regels en procedures, deze bepalen wij met z’n allen. Vertrouwen is de mens waarderen in wie zij is.

Oprechtheid en realisme, streef na wat je belooft, maak dit ook waar, informeer de mensen met enige regelmaat, wees realistisch, schep geen verwachtingen. Redeneer vooral niet vanuit jezelf, maar vanuit de ander.

Geven en nemen, je zult moeten geven alsvorens je kunt nemen, maar houdt dit wel in balans. Met alleen nemen redt je het niet.

 

Wat moet je doen?

  • Zorg dat je een echte “vriend” bent op het web
  • Vertel je verhaal! Vertel je verhaal vanuit je eigen ik en vanuit jezelf, storytelling is key. Dit kan onder andere middels foto’s, video’s, afbeeldingen, (micro)blogs, podcasts 
  • Ga de conversatie aan
  • Geef jezelf een identiteit, laat een foto zien van jezelf, vertel in je profiel ook wie je bent en waar je voor staat. Voeg eens wat  persoonlijke dingen toe.
  • Verleid ons vooral niet met je marketingtrucjes
  • Heb je respect voor mij? Dan heb ik respect voor jou
  • Vertel niet wat JIJ te bieden hebt, vertel wat je MIJ te bieden hebt, verrijk MIJN leven.

 

Verdwijnt het?

Web 2.0 is niet dood, Social Media ook niet, het zal ook nooit dood gaan. Tim O’Reilly gaf het als volgt aan:

I don’t buy it. Web 2.0 isn’t a bunch of venture backed startups. It’s the move to the internet as platform. Is that dead? No.

Als je dit niet begrijpt? Als je denkt dat met de aankomende recessie Web 2.0 niet meer leeft? Stel je dan eens voor dat het nu oorverdovend stil wordt op het internet… Nee dus. De mens heeft het internet met al haar mogelijkheden aangegrepen om het te gebruiken als een verlengstuk van haar stem.

 

500 miljoen mensen en het worden er iedere dag meer, begrijp je het al, ben je al mens geworden en waar ben je?

Web 2.0 implementaties en hoe het niet moet

Jaap Steinvoorte 1 Comment »

Enige tijd geleden ben ik betrokken geweest bij een ontwikkeling en implementatie van een webservice die middels Google Maps informatie over locaties moet tonen, tevens moest er communicatie vanuit de webservice tot stand worden gebracht naar de site waar deze relatief eenvoudig ingebed kan worden middels meerdere varianten.

Tot zover ging het goed, de webservice draait. Helaas wordt voorbij gegaan aan een aantal andere zaken. De focus ligt klaarblijkelijk puur op de webservice want de documentatie wordt in papieren vorm via de post aangeleverd, de codelibraries en samples worden in zip files per mail aangeboden, communicatie over issues mbt implementaties gaat per mail, over vele schijven.

Dit is in mijn opinie een enorm gemiste kans, temeer daar momenteel alleen de focus wordt gelegd op uitbreiden van de webservice omdat er, in beperkte mate, behoefte zou zijn aan globalisering. Ook is er geen enkele ruchtbaarheid gegeven aan de webservice terwijl het best een innovatieve dienst is die enorme meerwaarde biedt voor velen van ons.

Wat gaat er dan niet goed? De gebruikers die implementaties doen lopen tegen issues aan. Deze zouden ze kunnen melden op een site, speciaal in het leven geroepen voor deze webservice waardoor:

  1. De problemen inzichtelijk voor iedereen worden gemaakt
  2. De oplossing voor de problemen inzichtelijk wordt gemaakt voor iedereen waardoor je minder belasting krijgt doordat minder emailcommunicatie plaats vindt en doordat je veel directer contact tot stand kunt brengen met de gebruikers
  3. Gebruikers elkaar kunnen gaan helpen, hierdoor wederom minder belasting van de organisatie
  4. Je publiekelijk aangeeft dat er aan gewerkt wordt, je inzichtelijk maakt voor de gebruikers, door frequent updates te geven, dat er naar hen geluisterd wordt
  5. Je inzichtelijk krijgt  op welke wijzen implementaties plaats vinden, je sneller kunt helpen en reageren als implementaties dreigen niet goed te gaan
  6. Je gebruik kunt maken van deze groep mensen door ze suggesties voor verbeteringen aan te reiken, of voor creatieve alternatieven
  7. Je een relatie opbouwt  met deze gebruikers en als het goed is dus ook vertrouwen
  8. Je deze groep gebruikers kunt beschouwen als zijnde mensen die wellicht ook de beschikbaarheid van de webservice verder willen verspreiden in hun netwerk.
  9. De documentatie op deze site online ter beschikking kan worden gesteld (1 instantie) en on the fly worden bijgewerkt, scheelt drukkosten, resources, versiebeheer, etc…
  10. Nieuwe features via dit medium, bijv. middels een blog, kunnen worden gecommuniceerd in plaats van per email, telefoon of ander 1:1 medium

Kortom, het scheelt je een boel werk, je hoeft alleen maar data management te doen, de faciliteiten leveren om te communiceren, en je kunt het “Harnessing Collective Intelligence” toepassen en krijgt “User Generated Content”.

Een belangrijke vraag die mij dus rest of je je gebruikers wel serieus genoeg neemt, of je wel genoeg naar hen luistert en of ze voldoende gehoord kunnen worden. Wat mij betreft leg je dus eerst de focus op deze punten aangezien gebruikers zich ook tegen je kunnen keren middels de functionaleiten die je zelf mist als blogs en forums. Op dat moment heb je dus NIETS om te reageren, je weet ook NIET waar de conversatie plaats vindt. Uiteindelijk zit je daar dan, met een fantastische webservice die voorzien is van de functies voor globalisering en een enorm beschadigde reputatie.

Bedenk ook even dat de lat hoog ligt. Gebruikers die meerdere webservice implementaties hebben uitgevoerd beschikken over vergelijkingsmateriaal en verwachten dat alle informatie online te vinden is. Dit onderdeel mag dus absoluut niet vergeten worden en moet serieus worden genomen.

Kortom, ga je voor de korte termijn met een uitkomst die minder zeker is, of voor een lange termijn waarbij de uitkomst veel meer zekerheid geeft?

Cross-posted op Marketinginnovatie.org

Is het bij jou ook een grote chaos?

Jaap Steinvoorte No Comments »

Twitter, Friendfeed, Hyves, Linkedin, Facebook, SocialMedian, Upcoming.org, dopplr, Delicious, SlideShare, Youtube, Flickr, Last.fm,  rss readers, (mobiele) telefoon, iPod, Instant Messaging,  vrienden, kennissen, familie en collega’s en natuurlijk de email. Ongetwijfeld ben ik “lid” van nog meer netwerken en groepen, ongetwijfeld heb ik nog meer communicatie media vergeten.

Internet media, telefonie en fysieke contacten, dat is de wereld die we nu ter beschikking hebben om te communiceren. Gek wordt ik er soms van. Het is niet meer gestroomlijnd, het is niet meer “in control”. Constant wordt ik afgeleid, daarnaast zijn er geen adequate mogelijkheden om te de communicatie te centraliseren en te coordineren. Het kost ongelooflijk veel tijd, niet alleen om alles te lezen, maar ook nog eens om te reageren, comments, uitnodigingen accepteren, favoriten, delen, bloggen, uploaden zijn allemaal erg tijdrovend en leiden je af van je eigenlijke werk.

RSS is een uitkomst om op de hoogte te blijven, wat echter mist is om vanuit de RSS feed meteen een bijdrage te leveren aan de conversatie, op welk social media platform dan ook, om je voicemail af te luisteren, je email in de rss te laten lopen. Daarnaast, een rss feed van Twitter? Heerlijk al die overload, het is alles of niets en als je veel mensen volgt dan ben je aardig druk om alles te lezen.

Social Networking en Social Media platforms, leuk, communicatie ook heel erg leuk, maar het wordt toch echt eens tijd om te focussen op het beperken van de tijd die we met z’n allen kwijt zijn, tijd voor een schil over alles heen, een single point of entry waarbij we vanuit deze entry ook nog eens de informatie kunnen aanleveren aan de blogs, twitters, hyves etc…

Kortom, tijd voor innovatie, voor toegevoegde waarde, niet gericht op meer van hetzelfde, wel gericht op betere, makkelijkere, toegankelijkere en geschiktere media. vanaf nu gaat het om het creeeren van echte meerwaarde. Monetization sucks voor de eindgebruiker.

Evenementen deze week: TechCrunch50 en Demo

Jaap Steinvoorte No Comments »

Vanaf 7 t/m 9 september barst Demo los
Vanaf 8 t/10 september barst TechCrunch50 los.

Beide evenementen zijn gericht op “innovatieve” startups die de mogelijkheid krijgen zichzelf te presenteren.
Demo heeft de lijst met bedrijven al bekend gemaakt, 72 in totaal .
Techcrunch
maakt maandag de deelnemende bedrijven bekend, het betreft hier 50 bedrijven.

Demo:
Demo sprekers
Advisory Board
Agenda Demo

TechCrunch50:
Agenda Techcrunch
Expert panel

Robert Scoble heeft in ieder geval een duidelijke mening over de bij Demo aanwezige start-ups
Michael Arrington laat weten waarom Demo onethisch is.

Geek and Poke houdt het simpel:

WP Theme & Icons by N.Design Studio
Entries RSS Comments RSS Log in